Zoeken op Omgevingswet.net

Tag

Omgevingswet

Omgevingswet

De Omgevingswet is in aantocht (2019) en zal toezien op de fysieke leefomgeving.
Wro

Wro

De Wet ruimtelijke ordening voorziet in de structuurvisie, bestemmingsplannen etc.
Wabo

Wabo

De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht bevat regels over de omgevingsvergunning.
Jurisprudentie

Jurisprudentie

Hier vindt u alle interessante actuele uitspraken op het gebied van het omgevingsrecht.
Awb

Awb

Artikelen die betrekking hebben op de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
Contact

Contact

linkedin icon     twitter iconDit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.    form icon
Moraal Juridisch Advies
Formt Omgevingswet
BJZ
Bureau Brug
donderdag, 11 april 2019 11:35

Wanneer is een gemeente nou partijdig bij de besluitvorming over windmolenparken?

Geschreven door

Een artikel van Max Seelen van de Orditowebsite.

De energieopgave beheerst het nieuws. En dit is nog maar het begin. Maak je borst maar nat. Deze energieopgave is nu al een uitdaging op ons terrein van het omgevingsrecht. Jurisprudentie over windmolenparken in overvloed. En de zonneparken zijn bezig met een ‘inhaalslag’.

Besluitvorming over windmolenparken vragen de nodige balanceerkunsten van overheden. Deze procedures gaan immers vaak gepaard met veel emoties van burgers. En juist daarom dienen onze gemeenteraden en colleges deze burgers met open vizier tegemoet te treden en fair te behandelen.

Natuurlijk, dit wordt altijd verwacht van overheden. Maar wanneer de windmolenparken overal in ons land zoveel emoties oproepen, dan dienen overheden extra alert te zijn dat hun besluiten zorgvuldig worden voorbereid. En het ‘verbod van vooringenomenheid’ is een specificatie van de eis dat besluiten zorgvuldig moeten worden voorbereid.

Dit grondbeginsel voor overheidsoptreden (verbod van vooringenomenheid) vinden we terug in artikel 2:4 van de Algemene wet bestuursrecht. En in een zaak die zich onlangs afspeelde op Goeree-Overflakkee waren de appellanten van mening dat dit verbod door het bevoegd gezag met voeten werd getreden. Het bevoegd gezag was allesbehalve onpartijdig (aldus de appellanten).

In het geding was een bestemmingsplan en een aantal omgevingsvergunningen voor een tweetal windmolenparken. De appellanten droegen een viertal argumenten aan waarom de onpartijdigheid van het bevoegd gezag bij de besluitvorming over de windmolenparken discutabel was:

Argument 1

Appellanten:
“De gemeenteraad en het college gebruiken voor dit project hetzelfde adviesbureau als de initiatiefnemer zelf. En dit adviesbureau is ook nog eens opdrachtnemer voor de gemeente bij andere windparkontwikkelingen op Goeree-Overflakkee. De gemeente is dus partijdig! Kijk ook maar naar de uitspraak ABRvS 13 juli 2016, nr. 201507723/1/A2.”

Raad van State:
“Nee, onzin (vrij vertaald uiteraard). Dit is op zichzelf onvoldoende om twijfels te hebben over de onpartijdigheid van het bevoegd gezag.

En die uitspraak van 13 juli 2016 is niet vergelijkbaar. In die uitspraak was sprake van een afwijzing van een aanvraag om een tegemoetkoming in planschade waaraan adviezen van een planschadebeoordelingscommissie ten grondslag waren gelegd. Een van de leden van deze commissie had de gemeente tijdens en voorafgaand aan de advisering over het planschadeverzoek onder meer als advocaat bijgestaan.

Tja, niet handig. In dat geval is de schijn van partijdigheid wel gewekt. Een advocaat draagt nou eenmaal zorg voor de rechtsbescherming van zijn cliënt en dan is hij natuurlijk partijdig. Maar daar is hier geen sprake van.”

Argument 2

Appellanten:
“De rol van het betrokken adviesbureau in het besluitvormingsproces is erg groot geweest. Zij hebben immers het bestemmingsplan en het milieueffectrapport opgesteld.

Ook blijkt uit correspondentie tussen medewerkers van de gemeente, het adviesbureau en de initiatiefnemers dat ze allemaal onder één hoedje speelden. Het doel was heilig en van kritische toetsing was geen sprake. Zo waren zowel de initiatiefnemers als het adviesbureau nota bene betrokken bij de beantwoording van onze zienswijzen, hoe het een ander bestemd moest worden en bij de redactie van de geluidsvoorschriften.

Goed, de raad en het college hebben weliswaar formeel de besluiten (bestemmingsplan en omgevingsvergunningen) genomen, maar die besluiten zijn eigenlijk tot stand gekomen onder invloed van de initiatiefnemers en het adviesbureau.”

Raad van State:
“Nee, ook deze vlieger gaat niet op. Bij een samenwerking tussen het bevoegd gezag en de initiatiefnemers dan wel het adviesbureau (die eenzelfde ontwikkeling voorstaan) moet je er in beginsel van uitgaan dat ieder van hen zijn eigen verantwoordelijkheid behoudt.

Uit de correspondentie blijkt inderdaad dat er veel overleg heeft plaatsgevonden tussen het bevoegd gezag en de initiatiefnemers en het adviesbureau. Er was sprake van een nauwe samenwerking. Maar hieruit blijkt niet dat het bevoegd gezag zijn eigen verantwoordelijkheid uit het oog was verloren.

Wanneer uit de correspondentie nou was af te leiden dat er bewust was geknoeid met de onderzoeksresultaten, er sprake was van samenspanning of gegevens bewust werden achtergehouden, dan was het een heel ander verhaal. Maar dat is niet het geval. Ook werden de onderzoeksresultaten op het gebied van veiligheid en geluid eerst voorgelegd aan de milieudienst.”

Argument 3

Appellanten:
“Maar de gemeente heeft ook financiële belangen in het kapitaal van een van de exploitanten van de windmolenparken.”

Raad van State:
“Dat de gemeente als publiekrechtelijk rechtspersoon aandeelhouder is van een van de exploitanten betekent nog niet dat deze in de besluitvorming partijdig was.”

Argument 4

Appellanten:
“En hoe zit het dan bij het belang van de gemeente om leges te innen voor de omgevingsvergunningen?”

Raad van State:
“Flauwekul. Het belang bij het ontvangen van leges die met de vergunningverlening zijn gemoeid hebben in de procedures over de aanvaardbaarheid van de ruimtelijke ontwikkeling echt geen rol gespeeld!”

Conclusie:
Overheden moeten het bij de uitvoering van de energieopgave wel heel bont maken wil de Raad van State hen als partijdig betitelen (nog afgezien van de bewijslast voor appellanten).

Dit laat natuurlijk onverlet dat overheden te allen tijde elke schijn van partijdigheid dienen te vermijden.

Bron: ABRvS 3 april 2019, nr. 201709167/1/R3 en 201807375/1/R3

  • Omgevingswet.net: een initiatief van Moraal Juridisch Advies

    Moraal Juridisch Advies is in september 2009 opgericht. Wij adviseren de overheid, het bedrijfsleven en particulieren op het gebied van bestuursrecht. Wij zijn daarbij gespecialiseerd in het omgevingsrecht (Wabo en de Wro).

    U kunt bij ons advies inwinnen over omgevingsvergunningen, Waboprojectbesluiten (ruimtelijke onderbouwing), bestemmingsplannen, structuurvisies etc. Tevens kunnen wij de procedure die daarbij hoort begeleiden. Ook kunnen wij u vertegenwoordigen bij bezwaar- en/of beroepsprocedures. 

Omgevingswet video's

    Contactgegevens

    Moraal Juridisch Advies
    Mississippistraat 104
    1448 XB Purmerend
    06-39 83 62 81
    info@omgevingswet.net

    @Omgevingswet